Vissen in Saeftinghe

Het Zeeuwse Landschap heeft i.s.m. het gidsenteam Saeftinghe, Vissenwerkgroep Zeeland en natuurbeschermingsvereniging de Steltkluut een vijfdaagse visinventarisatie afgerond. Meer dan 25 vrijwilligers hebben hieraan meegeholpen. Hoewel het een momentopname blijft, zijn er nu voor het eerst visgegevens van vrijwel het gehele gebied. In totaal zijn er meer dan 1000 vissen van 16 verschillende soorten gevangen: brakwatergrondel, bot, schol, zeebaars, haring, dunlipharder, diklipharder, dikkopje, lozano's grondel, spiering, paling, kleine koornaarvis, baars, driedoornige stekelbaars, tiendoornige stekelbaars en karper. De soortenlijst bevat zowel echte zout- als zoetwatervissen.

Uit eerdere onderzoeken, uitgevoerd in slechts een klein deel van Saeftinghe maar over een langere periode, weten we dat er nog meer soorten in het gebied voorkomen. Wat tijdens dit onderzoek en in vorige onderzoeken ook al bleek, is dat er vooral veel jonge vis het gebied als opgroeigebied gebruikt. Een uitzondering hierop zijn de dun- en diklipharders. Van deze grote vissen zijn zowel met hoog- als laagwater aanzienlijke aantallen in het gebied aanwezig. Ze komen er om te grazen op wieren en algen in de geulen. De harders bleken zeer moeilijk te vangen zijn. Meerdere keren sprongen ze zelfs als behendige zalmen hoog over de netten.

Saeftinghe is het grootste brakwaterschor van Europa en daarom een zeer interessant en geliefd studieobject. Broedvogels en wintergasten worden al lang intensief bestudeerd. De laatste jaren zijn ook de planten en insecten intensief onderzocht. Keer op keer laten de onderzoeken weer de enorme natuurwaarden van het gebied zien.

De gegevens van de visinventarisatie zullen tevens gebruikt worden voor de Zeeuwse visatlas. Het Zeeuwse Landschap zal de komende periode meer van haar schorrengebieden onderzoeken. Eerder dit jaar zijn al het Zwin en de Verdronken Zwarte Polder bemonsterd.

 

Share